Zwak Nederland tenonder tegen Spanje
De Nederlandse turnéquipe die over welgeteld 72 dagen in de Flanders Sport Arena in Gent om 14.00 uur ' s middags moet aantreden voor de strijd om de wereldtitel, heeft tot die tijd nog heel wat werk te verzetten. Dat is de les die de trainers hebben getrokken uit de interland tegen Spanje van afgelopen zaterdag. In Madrid ging het Nederlandse zevental roemloos tenonder tegen Spanje. Met 145.600 - 134.200 werd verloren van de nummer vijf van de Olympische Spelen. Bij het WK in het Chinese Tianjin was het verschil tussen beide teams zes punten (150.407-144.402). Spanje moest het overigens doen zonder
Laura Martinez en Esther Moya. Martinez, die in juli nog nationaal kampioene werd, twijfelt over haar toekomst. Moya is herstellende van een enkelblessure en haar WK-deelname is daardoor onzeker.
De Spaanse coach Jesus Carballo had zijn Olympische ploeg nu aangevuld met de jeugdige Ana Parera en Elena Gomez,de nummer twee van de juniorenkampioenschappen van vorig jaar en dit jaar vijfde bij de senioren. Het Spaanse zestal verkeert op dit moment in een blakende vorm en kan dan ook met vertrouwen de Mediterranean Games tegemoet zien die over twee weken in Tunis beginnen.
De Nederlandse turnsters, onder aanvoering van nationaal kampioene Verona van de Leur, maakten in Madrid een goede start.
|

Sara Moro
|
Van de Leur scoorde 9.500 en zette daarmee 0,1 punt meer op het scorebord dan de nummer twee van Spanje,
Sara Moro. Ook de rest van het team deed een forse duit in het zakje en met een totaal van 36.875, tegen 36.500 voor Spanje, werd een hoopvol begin gemaakt. |
De vreugde van het eerste onderdeel sloeg echter op de brug om in teleurstelling.
Nuijten faalde, Wammes
bracht er al helemaal weinig van terecht en ook Endel kwam niet verder dan 8.250. Van de Leur kon daaraan niet veel toevoegen. Waar zij eerder dit jaar bij de World Cup in Parijs nog wist te winnen en die prestatie later in Ploiesti herhaalde, kwam ze nu niet verder dan 8.975. Met 31.875 bleef Oranje ver achter bij de Spaanse dames die tot 36.800 kwamen. De 16-jarige
Alba Planas was daarbij met 9.375 de beste.
Evenwichtsbalk, bijna traditiegetrouw de achilleshiel van de Nederlandse ploeg, liet een licht herstel zien: geen uitschieters maar ook geen grote blunders.
Sara Moro was met haar goed uitgebalanceerde oefening, zoals ze eerder dit jaar ook al tegen Frankrijk had laten zien, veruit de beste in het gezelschap. De nummer 21 van de Spelen in Sydney scoorde een fraaie 9.600, de hoogste score van de wedstrijd.
Al voor het einde van de wedstrijd keek de Nederlandse formatie tegen een forse achterstand aan. Het team kon daaruit niet voldoende inspiratie meer putten om op de vloer acrobatische hoogstandjes te koppelen aan sprankelende choreografische effecten.
Monique Nuijten was met 8.550 de beste van de zes.
Van de Leur stelde met een schamele 7.300 teleur, zeker na haar tweede plaats op dit onderdeel in Cottbus en een derde (achter Moro!) in Ploiesti.
De conclusie die trainingscoördinator Willem Veldman na afloop van de wedstrijd trok dat 'Nederland nogal wat fouten maakte' was dan ook een open deur. Ernstiger was echter de vaststelling dat het de Nederlandse turnsters, tien weken (!) voor het begin van de WK, 'aan de nodige stabiliteit en wedstrijdritme ontbreekt'. Aan die stabiliteit kan in de trainingen nog wel wat gedaan worden, maar voor een verbetering van het wedstrijdritme resten slechts twee wedstrijden: Roemenië komt op 15 september naar Eindhoven en in Nijmegen zijn op 13 oktober Canada en Tsjechie de spaaringpartner van het Nederlandse team.
Willem Veldman ziet echter, ondanks de forse nederlaag, toch ook lichtpuntjes. "De potentie is aanwezig dat de ploeg de komende maanden naar het WK in Gent kan uitgroeien tot een sterk team. Dan moeten ze tijdens de komende wedstrijden tegen Roemenië en
Canada/Tsjechië echter wel een stijgende lijn laten zien".
|
Spain wins from Holland
The Dutch gymnasts who will have to compete within 72 days at the Worlds in Gent, will have a lot to do before that time. In the Spanish capital of Madrid they lost the meet against Spain with 145.600 - 134.200. In Tianjin at the Worlds of 1999, the difference between those two teams was only six points (150.407 - 144.402). The Spanish had to compete without their national champion
Laura Martinez and Esther Moya. Martinez is still dounting about her future; Moya is recovering from an ankle injury. Ana Parera and Elena Gomez were competing instead of Martinez and Moya.
The Dutch gymnasts had a good start. They won the vault (36.875-36.500) with national champion
Verona van de Leur as their best gymnast. She scored 9.500. The Dutch performances on the bars were not that good.
Monique Nuijten made big mistakes, Wammes was not on her best and
Renske Endel did not score more than 8.250. Van de Leur, who was the number one on this apparatus at the World Cup this year in Paris and later on also in Ploiesti, only scored 8.975.
On the beam, generaly always their weakest apparatus, the Dutch did not make big mistakes. Sara Moro, this years number two at the Spanish championships, competed on this apparatus like she did earlier this year against France. She scored 9.600, the highest score in this competition. At that moment the victory for the Spanish team was safe. The Dutch gymnasts compteted on the floor without any inspiration.
Monique Nuijten was the best of the six with 8.550. Van de Leur, second in Cottbus behind Ekaterina Lobaznyuk, did not get more than 7.300 for her
performance.
Willem Veldman, Dutch coordinator for the training of the
women's national team, just stated after the competition, that the Dutch
"...made a lot of mistakes and that they had a lack of steadiness and competition practice...". Nevertheless he was an optimist for the future. "This team can increase their performance untill
Ghent. They will have to show that in the next two competitions."
The Dutch gymnasts will compete against Rumania on September 15th in Eindhoven. On October 13th they will meet Canada and Czech Republic in Nijmegen.
Spaniens Turnerinnen besiegen Holländerinnen
Die holländische Turnerinnen, die in 72 Tagen in der Flanders Sport Arena in Gent bei den Weltmeisterschaften antreten, haben bis
dahin noch schwere Arbeit zu leisten. In Madrid unterlagen sie klar
der spanischen Mannschaft mit 145.600 - 134.200.
In Tianjin zur WM 1999 betrug der Unterschied noch sechs Punkte (150.407-144.402). Spanien turnte ohne
seine diesjährige Nationalmeisterin Laura Martinez,
die noch imme rüber ihre Zukunft zweifelt. Auch Esther Moya war nicht dabei. Sie
kuriert noch eine Verletzung am Fußgelenk aus und ist sich unsicher über ihre WM-Start. Statt Martinez und Moya turnten
Ana Parera und Elena
Gomez, Zweite im vergangenen Jahr bei der Jugendmeisterschaften und in diesem Jahr fünfter Platz bei der Seniorinnen.
Der Start der Holländerinnen in Madrid war gut. Unter Führung von Nationalmeisterin
Verona van de Leur gewannen sie den Sprung (36.875-36.500).
Beste Turnerin an diesem Gerät war Van de Leur met 9.500. Am Barren änderte sich der Freude in Enttäuschung.
Monique Nuijten machte schwere Fehler,
Wammes kam gar nicht ins Spiel und auch
Renske Endel punktete nicht mehr als 8.250. Van de Leur,
die sowohl beim Weltcupturnier in Paris, als später in Ploestij an diesem Gerät gewann, blieb jetzt unter
neun Punkten (8.975).
Am Schwebebalken machten die Niederländerinnen zwar weniger Fehler,
zeigten aber auch keine ganz ausgeglichene Übungen. Sara Moro
war - wie auch im April dieses Jahres beim Länderkampf gegen
Frankreich - war Beste an diesem Gerät. In Sydney 21. im Mehrkampf, bekam
sie hier 9.600 - die Höchstnote in diesem Wettkampf. Und somit war der Sieg der spanische Mannschaft schon vorEnde des Wettkampfes
klar. Die Holländerinnen turnten am Boden ohne Inspiration. Monique Nuijten war an diesem Gerät mit 8.550 die bessere der sechs Turnerinnen. Van de Leur
- in Cottbus Zweite hinter Ekaterina Lobaznjuk - bekam nur eine dürftige 7.300.
Willem Veldman (NED), Trainingskoordinator
der Holländerinnen, konnte nur feststellen, dass die Mannschaft
"...viele Fehler gemacht hat und die notwendige Stabilität und
Wettkampfrhythmus gefehlt haben". Dennoch sagt er: "Diese Mannschaft kann sich bis Gent noch stark verbessern. Dass jedoch sollten sie beim nächsten zwei Wettkämpfe zeigen."
Die niederländische Turnerinnen treten am 15. September in Eindhoven an gegen die Rumäninnen
an und am 13. Oktober begegnen sie Canada und die Tschechischen Republik in Nijmegen.
|